spelen-met-verhalen

Spelen met verhalen: 7 creatieve manieren

Urenlang kon ik als kleine jongen spelen met lego. Wat kon je daar veel verschillende leuke dingen mee bouwen! Steeds vond ik ook weer nieuwe combinaties.

Dit artikel gaat ook over spelen, maar dan over spelen met verhalen. Het is een lang stuk om even lekker voor te gaan zitten. En vooral ook je eigen gevoel voor spel, creativiteit en narratieve intelligentie (wat een term hè 😉 ) aan het werk te zetten.

Spelen met verhalen: doe ff serieus!

Laat ik gelijk maar twee misverstanden een goeie opdoffer geven.

Misverstand 1: Sommige mensen denken dat ‘spelen’ en ‘professionaliteit’ niet samengaan.

Het tegendeel is waar. Juist die professional met twinkelende ogen kan creatieve oplossingen verzinnen voor problemen waar mensen al een tijdje met hun hoofd tot bloedens toe tegenaan lopen.

Misverstand 2: Volksverhalen en sprookjes zijn voor kinderen.

Ik werk in dit artikel bewust met een volksverhaal / sprookje.

Waarom? In tegenstelling tot waargebeurde verhalen, heeft ons hoofd bij deze verhalen veel meer ruimte om alle kanten op te denken. We zitten niet zo vast in ‘wat kan’ en ‘wat niet kan’, omdat: alles kan.

Ontwikkel je in het werken met zo’n verhaal creatieve manieren om er mee te spelen, dan kan je die vervolgens ook toepassen bij projectcasussen, echt gebeurde verhalen en anekdotes in je zakelijke presentatie. Mocht je dat willen. 🙂

De Marskramer van Swaffham

Eerst maar eens: het verhaal waar we mee werken. Je kent het misschien wel in een andere vorm.

File source: http://commons.wikimedia.org/wiki/File:The_Town_Sign,_Swaffham,_02-03-2009_(1).JPG

Lang geleden leefde er in het dorpje Swaffham (Engeland) een marskramer. Zo’n kleine koopman die met zijn waren langs de dorpen trok. Hij had niet veel geld, maar woonde wel tevreden in een klein huisje aan de rand van het dorp. Achterin zijn tuin stond een grote kersenboom. Elke lente genoot hij opnieuw van de witte bloesem die bij een windvlaag als sneeuw op de grond viel. En elke zomer genoot hij opnieuw samen met de vogels van de bloedrode kersen.

Op een nacht droomde hij van de beroemde London Bridge. Hij droomde dat hij naar die brug toe moest gaan en dat hij op die brug geweldig nieuws zou horen. Nu droomde hij wel vaker, dus haalde hij zijn schouders op en schonk er niet zoveel aandacht aan. De volgende nacht droomde hij echter precies hetzelfde. En toen hij de derde nacht nog een keer dezelfde droom had, besloot hij dat hij moest gaan kijken of de droom uit zou komen.

Hij ging op weg en maakte de reis lopend naar Londen. In de stad gekomen liep hij naar de London Bridge. Er was niets bijzonders aan te zien. Hij stak de brug over, keek om zich heen en liep toen nog een keer terug. Midden op de brug ging hij staan wachten. Één dag, twee dagen, maar niets wat hij zag of hoorde leverde hem iets op.

Uiteindelijk kwam de winkelier van het winkeltje bij de brug naar hem toegelopen. Hij vroeg zich al twee dagen af wat die man daar zo deed. Hij verkocht niets. Hij bedelde niet. Hij wachtte alleen maar. En dus vroeg hij hem om toch te vertellen wat hij daar op die brug aan het doen was. Dat deed de marskramer graag. Hij vertelde hoe hij drie keer dezelfde droom had gehad. Dat hij steeds weer gedroomd had dat hij in Londen, op de London Bridge, geweldig nieuws zou horen.

De winkelier begon hard te lachen. “Je bent niet wijs dat je zo’n lange reis onderneemt voor een malle droom. Nee, plattelander, ik zal je eens wat vertellen. Gisteren droomde ik dat ik in Swaffham was, een plaatsje waar ik nog nooit van gehoord had. En ik droomde dat er achter een huis een grote kersenboom stond. En ik droomde dat ik een enorme schat zou vinden als ik onder die kersenboom zou gaan graven. Nou, denk je dat ik zo gek ben om een lange reis daarheen te maken vanwege zo’n malle droom? De winkelier lachte nog harder en schudde zijn hoofd nog eens over zoveel dwaasheid.

De marskramer ging er snel blij vandoor, terug naar huis, naar Swaffham. Daar aangekomen begon hij gelijk onder de kersenboom te graven. Hij kon zijn geluk niet op toen hij er een oude schatkist vond die vol zat met waardevolle munten.

In de schatkist was een Latijnse spreuk gegraveerd. Gelukkig kon iemand uit het dorp hem helpen die te ontcijferen. Er stond: Onder mij ligt, een ander van zwaarder gewicht. En dus begon de marskramer nog dieper te graven. En ja hoor, na uren zwoegen vond hij een nog grotere schatkist boordevol met munten.

Nu was de kerk van Swaffham langzaam steeds verder vervallen en een flink gedeelte van de schat gebruikte hij om werklui in te huren om die op te knappen. De dorpelingen waren dankbaar en lieten na zijn dood een stenen beeld maken van de marskramer. En zo komt het dat tot vandaag de dag ze in Swaffham nog steeds vertellen over de eenvoudige marskramer die zijn dromen achterna ging en schatten vond in zijn eigen achtertuin.

De Kern van het Verhaal

Om met dit verhaal te kunnen ‘spelen’, is het handig om de kern van het verhaal eruit te halen. Dat kan bijvoorbeeld zo:

Een personage droomt dat hij naar een plaats ver weg moet gaan omdat hij daar een schat zal krijgen. Hij maakt een lange reis, komt daar aan, maar geen schat te zien. Een ander personage vertelt hem dat hij ook een gekke droom heeft waar hij natuurlijk niets mee gaat doen. Bij de beschrijving van die droom herkent het eerste personage zijn thuis. Hij gaat terug en vind de schat.

Het verhaal teruggebracht tot de essentie. Alles wat een verhaal mooi maakt, is eruit. Saai, maar… het geeft mogelijkheden. Ik ga je zeven verschillende manieren aanreiken om te spelen met dit verhaal. De voorbeelden die ik je daarbij geef, zijn de voorbeelden die bij mij opkomen, omdat ze raken aan gebeurtenissen in mijn eigen leven.

Kijk vooral wat er bij jou opkomt!

Spelen met de Tijd

De kathedraal in Santiago met haar pleinen

Het is 2017. Een jonge man die een beetje vast zit in zijn leven, droomt onverwachts van een plein voor een grote Kathedraal waar hij vermoeid aankomt.

Als hij wakker wordt zoekt hij online naar die kathedraal. Hij herkent hem op een plaatje en leest over de lange pelgrimstocht naar Santiago de Compostella die uitkomt bij dat plein voor die grote Kathedraal.

Na twee nachten opnieuw deze droom gekregen te hebben, weet hij het zeker. Daar, op het plein voor de Kathedraal, gaat hij zijn geluk vinden…

Of: de tijd van de jagers & verzamelaars. Of: een episode van Star Trek.

Spelen met de Plaats

Eigenlijk deed ik dit bij ‘Spelen met de Tijd’ ook al. In het verhaal spelen twee plaatsen een rol. De plek waar ons personage van vertrekt en de plek waar hij over droomt.

Dit verhaal is bekend over de hele wereld. De plaatsen in het verhaal zijn daarbij steeds anders. Kijk bijvoorbeeld naar deze Friese variant:

In Oosterlittens – een plaatsje op de Friese klei, ten zuidwesten van Leeuwarden – leefde lange tijd geleden een schoenmaker. (…) Op zekere morgen werd de schoenmaker wakker en zei tegen zijn vrouw: “Ik heb vannacht een vreemde droom gehad. Men zei mij, dat ik in Amsterdam op de Papenbrug mijn geluk zou vinden.”

Stel dat het verhaal in jouw woonplaats zich af zou spelen. Waar zou het personage dan naar toe reizen?

Spelen met het Perspectief

Je man ligt drie nachten naast je te woelen. Onrustig dromend. Ook jij ligt er dus drie nachten wakker van. Hij vertelt zijn dromen, en uiteindelijk stem je er mee in dat hij op reis mag gaan.

Erg gerust ben je er niet op. Gelukkig heeft hij een telefoon bij en spreek je af dat hij je elke dag belt om je op de hoogte te houden.

Je beleeft zijn reis mee, maar baalt er wel van dat jij nu in je eentje hele dagen voor de drie kinderen moet zorgen, zeker als ze ook nog eens ziek worden.

En dan komt ‘ie daar aan, en blijkt het allemaal onzin te zijn! Kut-droom.

Maar dan belt je man je twee dagen later opgewonden op: Graaf bij de wortels van de kersenboom! Ik kom nu terug!

Zou het niet interessant zijn om dit verhaal vanuit een ander perspectief te horen? Er zijn heel veel mogelijkheden om te spelen met verhalen door ze te vertellen vanuit een ander personage.

Spelen met de Personages

Stel nu dat het verhaal gaat over twee kleuters. Een meisje dat droomt al drie nachten van het lekkerste ijsje van de wereld. En dat lekkerste ijsje, dat is te vinden bij ‘Tante Cornelia’, de snackbar drie straten verderop.

Ze vertelt het aan mama, maar die heeft geen tijd om te luisteren. En dan gaat ze lopen, over de stoep, over het zebrapad, naar ‘Tante Cornelia’…

Ik speel vaak met de personages van een verhaal om die beter aan te laten sluiten bij de luisteraars. Door te kiezen voor andere personages en andere beroepen, merk je dat vaak meer in het verhaal ook gaat veranderen.

Spelen met Verhalen: Intermezzo

Je ziet dus dat bij het spelen met verhalen, verschillende elementen invloed hebben op elkaar. Het gaat daarbij vaak vooral om waar je mee begint, je invalshoek. Als je de tijd verandert, veranderen de plaatsen misschien ook. Verander je de plaatsen, dan passen daar misschien beter andere personages bij. Uiteindelijk hangt het samen en past het zich aan elkaar aan om één geheel te blijven.

Spelen met de Contrasten

Kun je het verhaal heftiger maken? Uitvergroten? Larger than life?

Die marskramer uit Swaffham, die was absoluut geen tevreden mens. Hij liep niet meer zo goed, had geen geld meer voor nieuwe kleren. Niemand kocht zijn spulletjes meer. Hij was kaal aan het worden. De vrouwen keken weg als hij naar ze floot. Hij zat al weken depressief thuis. (En dan moest ‘ie nog 20 jaar door tot zijn pensioen, als ‘ie dat al ging halen. 😉 )

Tot die droom waar hij midden in de nacht wakker van werd… Plotsklaps gingen zijn ogen stralen, zijn hart klopte, en hij voelde de energie door zijn lichaam stromen.

Verhalen drijven op contrasten / conflicten. Op het contrast tussen de situatie zoals die is, en de situatie zoals we willen dat ‘ie is. Als je die contrasten zo groot mogelijk maakt, ontdek je vaak hoe je het verhaal nog krachtiger kan maken. Kijk wat het beste werkt voor jouw verhaal, het kan ook iets te veel van het goede worden.

Spelen met de Doelgroep

Toen ik verhalen vertelde voor een honderdtal vrouwen bij een bijeenkomst van een vrouwenvereniging, deed ik dat anders dan voor een grote groep kleuters. Tieners? Een presentatie voor een zakelijk publiek? Dat vraagt om een andere aanpak, andere keuzes en vaak ook een ander tempo van je verhaal.

Hoe zou je ditzelfde verhaal vertellen voor die diverse doelgroepen. Wat vind je de beste match?

Als je begint met de doelgroep van je verhaal, wat betekent dat dan voor je verhaal?

Spelen met de Vorm

Je kunt spelen met dit verhaal door het in een hele andere vorm te gieten. Een paar ideeën:

  • stukjes uit een ‘Lief dagboek, vannacht droomde ik toch zo raar…’ dat je moeder ooit geschreven heeft
  • drie zakelijke krantenberichten over Joop Weezel die een tocht gaat ondernemen.
  • een reconstructie naar waar de rijkdom van oudoom Jozef vandaan kwam
  • het verhaal zo verteld, dat je overtuigd zijn dat het een waargebeurd verhaal is

Spelen met verhalen BONUS: de twist

Verhalen die te voorspelbaar zijn, zijn saai. Zeker voor volwassenen. Doe daar wat aan! Een originele twist aan het einde kan een hoop goedmaken. Eentje die logisch is, maar toch verrassend.

Misschien vind die marskramer thuis wel iets heel anders. Een kist vol botten, een briefje en een nachtmerrie bijvoorbeeld.

Misschien klopt er na een paar weken wel iemand op de deur. Die man die op de brug stond, die man die gedroomd had over Swaffham en de schat. “Ja”, zegt ‘ie, “dat was mijn droom. En nu…”

Varianten van dit verhaal

  • Dit verhaal word over de hele wereld verteld, op deze website van Professor D. L. Ashliman kun je varianten uit o. a. Iran, Turkije, Schotland, Duitsland en Denemarken vinden:
    The man who became rich through a dream.
  • Braziliaanse schrijver Paulo Coelho gebruikte het idee van dit volksverhaal als raamvertelling in zijn wereldberoemde boek ‘De Alchemist’.

Spelen met Verhalen

Door te spelen met verhalen en te kijken wat er allemaal mogelijk mee is, vergroot je je fantasie, verbeeldingskracht en creativiteit.

Naast het feit dat ik dit ontzettend leuk vind, is het ook handig. Als ik een presentatie of workshop geef, bedenk ik welke verhalen / anekdotes daarin passen. Liever gebruik ik wat ik al heb, dan dat ik op zoek ga naar een nieuw verhaal. Dat scheelt tijd.

Veel speelplezier!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *